vzw » Ondersteuning » Overlast » gemeentelijk » Roeselare Rondleiding door onze website 18 oktober 2018   


Politiereglement Roeselare Minimize

Afdeling 2.5. Bestrijding van de Geluidshinder

Sectie 2.5.1. begripsomschrijving

Artikel 2.5.1.1.: In deze afdeling wordt verstaan onder:
- openbare inrichting : alle inrichting, alsmede hun aanhorigheden, die al dan niet tegen betaling, voor het publiek toegankelijk zijn, ook al si de toegang voor bepaalde categorieën van personen beperkt.
- dienst milieubeheer: de stedelijke dienst onder leiding van de ambetenaar, die de bevoegdheid heeft om toe te zien dat de wet den de besluiten tot uitvoering ervan worden toegepast.
- geluidsinstallatie: elk toestel of groep toestellen die geluid, al dan niet versterkt, ten gehore brengen. - exploitant: de exploitant en/of de door deze aangestelde personen.

Sectie 2.5.2. maken van geluid in openbare inrichtingen

Artikel 2.5.2.1. : in gesloten plaats.
§1. Het is de exploitant van een openbare inrichting verboden ijn zijn inrichting gebruik te maken of te laten maken van een geluidsinstallaitie of eender welk evenement in te richten of te laten plaatsvinden waarbij een geluidsinstallatie wordt gebruikt, zonder voorafgaandelijk daarvan kennis te hebben gegeven aan de Burgemeester.
Deze kennisgeving moet schirftelijk gebeuren minstens acht vrije dagen vooraf.
§2. Bij verandering van exploitant moet de nieuwe exploitant hiervan onder dezelfde voorwaarden opnieuw kennis geven.
§3. De burgemeester kan, na onderzoek van de dienst milieubeheer, het maken van geluid afhankelijk stellen van bepaalde voorwaarden en preventieve maatregelen opleggen.

Artikel 2.5.2.2.: in open lucht.
§1. De exploitant van een openbare inrichting die gebruik maakt van een open ruimte, al dan niet palend aan de openbare weg, en er in open lucht een geluidsinstallatie gebruikt of er eender welkevenement inricht of laat plaatsvinden, waarbij een gluidsinstallatie wordt gebruikt, moet daartoe voorafgaandelijk de schriftelijke machtiging bekomen van de burgemeester.
De aanvraag moet schirftelijk gebeuren minstens acht vrije dagen vooraf.
§2. Geluid, al dan niet versterkt, gemaakt in een open ruimte, palend aan een openbare inrichting, mag in geen geval storend zijn op de openbare weg en mag het publiek of omwoners geenszins ongemak aandoen of de dieren doen verschrikken.

Artikel 2.5.2.3.: De burgemeester, de optredende politieofficier of de door hen gedelegeerde politieambtenaar kan verbod opleggen tot het maken van geluid in gesloten plaats of in open lucht onder meer:
- bij niet-aangifte of aangifte buiten termijn gesteld:
- bij het niet in bezit zijn van de verieste machtiging.
- bij niet-naleving van de wettelijke voorschriften betreffende de bestrijding van de geluidshinder of desgevallend van de voorwarden en preventiee maatregelen opgelegd door de burgemeester of desgevallend van de voorwaarden vermeld in de machtiging.
- bij het op heterdaad vastegesteld nachtlawaai door het maken van geluid in de openbare inrichting.
- bij overschrijding van het maximaal toegelaten geluidsniveau.
- bij de vaststelling dat de afstelling van de geluidsinstallatie werd gewijzigd of de verzegeling verbroken.

Sectie 2.5.3. maken van geluid op of langs de openbare weg en op openbare plaatsen.

Artikel 2.5.3.1.: occasionele inrichtingen.
§1. Het is verboden op of langs de openbare weg en openbare plaatsen in open lucht gerucht te veroorzaken die van aard is om de openbare rust te verstoren. §2. Het is verboden op of langs de openbare weg en op openbare plaatsen in open lucht: radio, televisietoestel, luidspreker, muziekinstrument of ieder soort apparaat voor ontvangst of emissie van geluid te lagen werken, zonder voorafgaandelijke schriftelijke machtiging van de burgemeester.
Deze aanvraag dient schriftelijk te gebeuren minstens acht vrije dagen vooraf.

Artiekel 2.5.3.2.: bestendige inrichtingen.
§1. Het is verboden op of langs de openbare weg en op openbare plaatsen geluid, ald dan niet versterkt, te maken, te laten maken of eender welk evenement in te richten of te laten plaastvinden waarbij geluid wordt gemaakt, zonder voorafgaandelijke en schriftelijke machtiging van de burgemeester.
De machtiging moet schriftelijk aangevraagd minstens acht vrije dagen vooraf.
§2. De machtiging, waarvan sprake in §1, wordt slechts afgeleverd na voorafgaand onderzoek door de dienst milieubeheer.

Artikel 2.5.3.3.: De burgemeester kan de gegeven machtiging tot het maken van geluid op of langs de openbare weg en op openbare plaatsen onmiddelijk intrekken, onder meer:
- bij niet-naleving van de wettelijke voorschriften betreffende de bestrijding van de geluidshinder of degevallend van de voorwaarden vermeld in de machtiging.
- bij het op heterdaad vastgesteld nachtlawaai veroorzaakt door het maken van geluid.
- bij overschrijding van het maximaal toegelaten geluidsniveau.
- bij de vaststelling dat de afstelling van de geluidsinstallatie werd gewijzigd of de verzegeling verbroken.

Sectie 2.5.4. gemeenschappelijke bepalingen.

Artikel 2.5.4.1.: De door de burgemeester afgeleverde machtiging to het maken van geluid is strikt persoonlijk, kan niet worden overgedragen en moet op verzoek van de stedelijke politie of de dienst milieubeheer door de exploitant onmiddellijk worden vertoond. Wie de machtiging niet kan vertonen, wordt beschouwd niet in het bezit te zijn van een machtiging to het maken van geluid.

Artikel 2.5.4.2.: Iedereen moet zijn volledige medewerking velenen aan de stedelijke politie en de dienst milieubeheer bij controle van de geluidsinstaaltie en hen dienaangaande alle nuttige inlichtingen verstrekken zodat de controle in de beste orde kan verlopen.

Artikel 2.5.4.3.:
§1. Elke geluidsinstallatie mag ten alle tijde door de stedelijke politie of de dienst milieubeheer worden gecontroleerd. Deze controle zal slechts worden uitgevoerd tijdens de uren waarop de inrichting voor het publiek is opengesteld of na afspraak met de verantwoordelijke exploitant.
§2. Wanneer de opstelling on/of elementen van de geluidsinstallatie worden veranderd of wanneer de exploitant vaststelt dat deze installatie niet meer naar behoren werkt, moet dit onmiddellijk worden gemeld aan de niest milieubeheer, zodat deze kan nagaan in hoeverre tot een nieuwe afregeling moet worden overgegaan.

Artikel 2.5.4.4.: De kennisgeving of de machtiging of het ontbreken van een controle-attest van de geluidsinstallatie verstrekt door de dienst milieubeheer ontslaat de exploitant geenszins van zijn verplichting om:
- de wettelijke voorschriften en uitvoeringsbesluiten betreffende de bestrijding van de geluidshinder stipt na te leven.
- de nodige maatregelen te nemen te voorkoming van de verstoring van de openbare orde en rust.

Artikel 2.5.4.5.: De burgemeester of de optredende politieofficier kan in de in het artikel 2.5.2.3. en artikel 2.5.3.3. genoemde gevallen, eveneens het gebruik van een geluidsinstallatie in een openbare inrichting of op of langs de openbare weg en op openbare plaatsen verbieden en dit door deze onmiddellijk buiten gebruik te stellen.

Artikel 2.5.4.6.: De optredende politieofficier kan in de in het artikel 2.5.2.3. en artikel 2.5.3.3. genoemde gevallen, eveneens de geluidsinstallatie in beslag nemen; dit alles onverminderd gerechtelijke vervolging.

Artikel 2.5.4.7.:
§1. De burgemeester of de optredende politieofficier kan bij niet-naleving van de wettelijke voorschiriften betreffende de bestrijding van de geluidshinder of desgevallend van de voorwaarden vermel in de machtiging of desgevallend van de voorwaarden en preventieve maatregelen opgelegd door de burgemeester
- de openbare inrichting doen ontruimen tot het voorziene sluitingsuur
- het toegelaten evenement op of langs de openbare weg of op een openbare plaats geheel of gedeeltelijk doen stopzetten, teneinde de openbare orde en rust te herstellen.
§2. De burgemeester kan, bij herhaling, de openbare inrichting voor langere duur sluiten

Sectie 2.5.5. overgansregeling.

Artikel 2.5.5.1.: Dit artikel is van toepassing op de openbare inrichting, waarvan de uitbating een aanvang heeft genomen op het ogenblik dat onderhavige verordening van kracht wordt.
- de inrichtingen, bedoeld in artikel 2.5.2.1., moeten hiervoor de schriftelijke kennisgeving doen binne een termijn van drie maand na het in voege treden van onderhavige verordening.
- de inrichtingen, bedoeld in artikel 2.5.2.2. en in artikel 2.5.3.2., moeten hiervoor schirftelijk de machtiging aanvragen binnen een termijn van drie maand na het in voege treden van onderhavige verordening.

Artikel 2.5.5.2.: De inrichtingen, bedoeld in het artikel 2.5.2.2. en 2.5.3.2., worden beschouwd in regel te zijn to zolang geen controle van de geluidsinstallatie wordt uigevoerd door de dienst milieubeheer.

Sectie 2.5.6. specifieke geluidshinder.

Artikel 2.5.6.1.: Alle lawaai of rumoer bij dag of bij nacht, waardoor de rurst van de inwoners verstoord wordt, is verboden wanneer dit lawaai of rumoer zonder noodzaak veroorzaakt wordt.

Artikel 2.5.6.2.: geluidswagen.
Het is het verboden na 20 uur en voor 10 uur 's morgens, alsook tussen 12 en 14 uur, in open lucht gebrukt te maken van voertuigen uitgerust met of voorzien van een geluidsinstallatie in werking.
Op andere tijdstippen is het gebruik van deze voertuigen toegelaten mits voorafgaandelijke en schriftelijke machtiging van de burgemeester.
het is steeds verboden deze geluidinstallatie te laten werken binnen een straal van 100 meter rond de verplegingsinstellingen.
Deze verbondbepalingen zijn niet van toepassing op het omroepen van officiële mededelingen door de bevoegde Overheid.

Artikel 2.5.6.3.: luidsprekers langs de openbare weg.
Het opstellen en in gebruik nemen van luidsprekers langs de openbare weg is verboden zonder de voorafgaandelijke en schriftelijke machtiging van de burgemeester.
Deze machtiging moet schriftelijk aangevraagd minstens acht vrije dagen vooraf.
Deze luidsprekers of geluidsinstallaties dienen te worden uitgeschakeld tijdens de openbare officiële plechtigheden; tevens moegen zij niet storend zijn voor het verkeer of gericht zijn om samenscholingen te verrichten.

Artikel 2.5.6.4.: voetzoekers.
het laten ontploffen van voetzoekers en andere tuigen is verboden.

Artikel 2.5.6.5.: vreugdesalvo's.
Het afvuren van vreugdesalvo's is onderworpen aan de voorafgaandelijke en schriftelijke machtiging van de burgemeester.
Het afvuren ervan is steeds verboden na 22 uur.

Artikel 2.5.6.7.: vogelschrikkanonnen.
Al dan niet-automatische vogelschrikkanonnen of gelijkaardige toestellen, opgesteld ter bescherming en beveiliging van de gewassen en de oogst, moeten op minstens 100 meter van de woningen geplaatst worden.
het is verboden deze toestellen tussen 22 uur en 06 uur 's morgens te laten werken.

Artikel 2.5.6.6.: dieren.
De eigenaars, houders of bewakers van dieren zijn verplicht alle nodige en nuttige maatregelen te nemen om te voorkomen dat hun dieren door hun geblaf, geloei, geblaat, gebalk, gehinnik of gekraai of op enigerlei andere wijze overlast, hinder of verstoring van de omgeving veroorzaken.



   Copyright Studiant vzw © 1995-2010   
 
Ga verder naar de Studiant site